schipIn het NRC van zaterdag 28 september stond een artikel met de kop: ‘Nooit meer een vaste baan is voor velen een vreselijk vooruitzicht’. Flexibilisering van de arbeidsmarkt lijkt gemeengoed te worden. In Nederland werkt nu ongeveer 30% van de beroepsbevolking als flexibele arbeidskracht.

Aan de arbeidskant neemt de vastigheid af, terwijl vaste lasten zoals hypotheken en verzekeringen contractueel vast blijven staan. Dit brengt de gemiddelde burger in een spagaat. De lossere arbeidsverbanden kunnen niet één op één afgestemd worden met de verplichtingen in het privéleven.

Wat doet dit met een werknemer? Ik heb verschillende scenario’s voorbij zien komen. Een zelfstandige in een opdracht probeert het project zolang mogelijk te rekken en saboteert daarmee de productiviteit in een bedrijf. Een flexwerker past zich zoveel mogelijk aan conform de afdelingscultuur en verliest daarbij zijn eigenheid.

Maar er zijn ook positieve voorbeelden, waarbij de externe werknemer de moed had om bepaalde zaken aan de kaak te stellen en het gesprek aan te gaan met de opdrachtgever om het werkelijke probleem aan te pakken. Dit laatste gedrag, dat is het gedrag waar je als werkgever het meest aan hebt. Het vergt wel een houding van wederzijds respect en vertrouwen. En dat laatste wordt door de flexibilisering uitgedaagd.

Kun je je voorstellen dat iemand die aan de inkomstenkant geen zekerheid heeft en aan de uitgavenkant wel wordt gehouden aan vaste kosten, heel veel fiducie heeft in zichzelf en in de stroom van nieuwe opdrachten?

Vertrouwen is waar de economie werkelijk omdraait. Het kabinet blijft bezuinigen en vraagt aan de Nederlandse bevolking om toch vooral geld uit te blijven geven. Het signaal dat de Nederlandse
overheid zelf afgeeft, is een teken zonder hoop. Gevolg is dat de mensen ook de hand op de knip houden, om het appeltje voor de dorst te bewaren.

In de financiële wereld is vertrouwen ook de basis van de handel. Als de eerste investeerders in de VOC niet geloofden dat de schepen volgeladen terug zouden keren, was er nooit een VOC geweest. Omdat de banken het krediet van de belegger verspeelden, ontstond de financiële crisis. De banken op hun beurt geven ondernemers weinig zekerheid om te investeren, waardoor ondernemerschap ook wordt geremd.

Nu de overheid, werkgevers en bankiers hun vangnet en steun steeds verder terugtrekken, komt het op ieder mens zelf aan om het geloof in zichzelf sterk te ontwikkelen. Met kracht en overtuiging werken aan je eigen toekomst, zonder de vaste zekerheden van weleer.

Ik kan me voorstellen dat daardoor nieuwe verbanden ontstaan op gebied van werken en wonen. Samenwerking op basis van zelfvertrouwen en woongemeenschappen die lasten delen. In de huidige tijden van transformatie heeft het geen zin om vooruit te kijken. Dan is het vooral belangrijk om in het nu te leven.

Wat heb je vandaag nodig en welke stap zet je nu? Jouw zelfvertrouwen is de factor die de economie in beweging houdt én die er verandering in aan kan brengen.